Moonsorrow — Unohduksen lapsi songtekst en vertaling
De pagina bevat de songtekst en de Nederlandse vertaling voor het nummer "Unohduksen lapsi" van Moonsorrow.
Songteksten
Katkennut terä kädessäni,
verivana rinnallani.
Vain tyhjä huotra maahan tallattuna
seuraa kun lähden taas.
On vihollinen kaadettu,
voittamaton voitettu.
Veistettyä lihaani pelko jäytää.
Tuo viima hyytävä
nimeäni kuljettaa.
Punainen veri piirtää
merkin maahan routaiseen.
Vuoren rinnettä
huurre kapuaa.
Kuin hetkeään odottaen
laelle kotka vain jää.
Taas vaihtaa tuuli suuntaa,
se vainajia syleilee ja kivet murentaa.
On metsä autio
ja pilvet paenneet.
Katson henki höyryten
kun kaikki hiljalleen jäätyy.
Vain viima hyytävä
nimeäni kuljettaa.
Lopulta tiedän sen
mitä tulin täyttämään.
Vuoren rinnettä
taivas kuristaa.
Pelotta tarkkailee hän
jonka siivet vielä kantavat.
Yksin tuulta vastassa
seisoo orpo taistojen.
Siintää metsä keihäiden
rannassa taivaan punaisen.
Se raivo lailla ukkosen
silpoo rivit nöyrtyvien.
Sudet talosta kuoleman
suovat henkäyksen viimeisen.
Yksin tuulta vastassa
on lapsi tuon teurastuksen.
Ei vanhus sano sanaakaan,
vain haaskalinnut taivaalla tarinansa tuntevat.
Multaan hautaan kappaleet
raudan väsymättömän.
Matkan lopussa ei jäljelle jää mitään.
Vielä viima hyytävä
lauluani kuljettaa.
Merkki routaisessa maassa
aikaan katoaa.
Vuoren rinnettä
huurre kapuaa.
Kuin hetkeään odottaen
laelle kotka vain jää.
Siivet revitty mutta kynnet valmiina
loppunsa kohtaamaan.
Sodan maailmaa
pimeys kuristaa.
Pelotta tarkkailee hän
jonka silmät vielä näkevät.
A broken sword in my hand,
a trail of blood on my chest.
Just an empty scabbard trampled to the ground
will follow as I leave again.
The enemy has been slain,
the invincible defeated.
A fear is gnawing my rough-hewn flesh.
The icy piercing wind
my name is carried upon.
Blood o' so red, it draws
a mark on the frozen ground.
And rime is climbing
the mountainside.
As if awaiting its time to come
a solitary eagle stays still.
Yet the wind is changing again,
embracing the dead and eroding what is stone.
The woods are silent
and the clouds are gone.
Through the steam of my breath
all I see is turning ice.
Just the icy piercing wind
my name is carried upon.
And then it becomes clear
what part here is mine.
And sky is strangling
the mountainside.
With no fear in his eyes
the one with wings is watching.
Alone against the wind
the battlefield orphan now stands.
The forest of spears is growing
on the red skyshore.
That rage like thunderstorm
tears the humbling lines.
Wolves from the house of death
now grant the final breath.
Alone against the wind
the child of slaughter now stands.
No, the old man speaks no words
and only the vultures may tell his tale.
Into the soil buried
the shards of untiring iron.
At the journey’s end nothing is to remain.
Still the icy piercing wind
my name is carried upon.
The mark on the frozen ground
will vanish into time.
And rime is climbing
the mountainside.
As if awaiting its time to come
a solitary eagle stays still.
Wings they are torn but claws are ready
to face what might be the end.
And dark is strangling
the world of war.
With no fear in his eyes
the one with sight is watching.
Songtekstvertaling
Een gebroken lemmet in mijn hand,
bloed op mijn borst.
Gewoon een lege deken die op de grond is getrapt.
volg me als ik weer vertrek.
Is de vijand ten val gebracht,
onoverwinnelijk verslagen.
De angst voor mijn gebeeldhouwde vlees roert.
Die laatste koeling
mijn naam is drawing.
Rode bloedsporen
een bord op de grond op een Rij.
Heuvel
de vorst waait.
Alsof je even wacht.
laelle de adelaar blijft gewoon.
Nog een verandering van windrichting,
het omarmt de doden en de stenen brokkelen af.
Er is een verlaten bos
en de wolken vluchtten.
Ik zie hoe de geest verdampt.
als alles langzaam bevriest.
Alleen de laatste koeling
mijn naam is drawing.
Eindelijk Weet ik het.
wat ik hier moet vullen.
Heuvel
de lucht stikt.
Zonder angst naar hem te kijken.
wiens vleugels nog steeds dragen.
Alleen tegen de wind
een wees die vecht.
Lijn het bos met speren
op het strand, het rood van de hemel.
Het is razend als de donder.
verscheur de gelederen van de nederigen.
Wolven uit het huis des doods
geef me de laatste adem.
Alleen tegen de wind
er is een kind in die slachtpartij.
De Oude man wil geen woord zeggen.,
alleen aasgieren in de lucht kennen hun verhalen.
Zandgrafsporen
ijzer onvermoeibaar.
Er is niets meer over aan het eind van de reis.
Nog steeds aan het chillen
Ik draag mijn lied.
Teken in een ruw land
de tijd verdwijnt.
Heuvel
de vorst waait.
Alsof je even wacht.
laelle de adelaar blijft gewoon.
Vleugels gescheurd maar klauwen klaar
om het einde onder ogen te zien.
Wereld van de oorlog
duisternis wurgt.
Zonder angst naar hem te kijken.
wiens ogen nog kunnen zien.
Een gebroken zwaard in mijn hand,
een bloedspoor op mijn borst.
Gewoon een lege schede die op de grond is getrapt.
zal volgen als ik weer vertrek.
De vijand is gedood.,
de onoverwinnelijke overgelopen.
Een angst knaagt aan mijn ruwe vlees.
De ijzige Pierce wind
mijn naam wordt gedragen.
Bloed zo rood, het trekt
een teken op de bevroren grond.
En rime klimt.
berghelling.
Alsof hij zijn tijd aan het ontwaken is.
een soldaat adelaar blijft stil.
Maar de wind verandert weer.,
omarmen de doden en eroderen wat steen is.
Het bos is stil.
en de wolken zijn weg.
Door de stoom van mijn adem
ik zie alleen ijs draaien.
Alleen de ijzige doordringende wind
mijn naam wordt gedragen.
En dan wordt het duidelijk
welk deel is van mij.
En de hemel wurgt
berghelling.
Zonder angst in zijn ogen
degene met vleugels kijkt toe.
Alleen tegen de wind
de battlefield wees staat nu.
Het bos van speren groeit
aan de rode hemel.
Die woede als onweer
scheurt de nederige lijnen.
Wolven uit het huis des doods
geef nu de laatste adem.
Alleen tegen de wind
het kind van de slacht staat nu.
Nee, De Oude man spreekt geen woord.
en alleen de gieren mogen zijn verhaal vertellen.
In de bodem begraven
de scherven van onvermoeibaar ijzer.
Aan het einde van de reis blijft er niets over.
Nog steeds de ijzige doordringende wind
mijn naam wordt gedragen.
Het teken op de bevroren grond
zal verdwijnen in de tijd.
En rime klimt.
berghelling.
Alsof hij zijn tijd afwacht.
een eenzame adelaar blijft stil.
Vleugels zijn gescheurd maar klauwen zijn klaar
om onder ogen te zien wat het einde zou kunnen zijn.
En donker wurgt
de oorlog.
Zonder angst in zijn ogen
degene met zicht kijkt toe.