Jacques Douai — La Chanson D'Hacquoil Le Marin songtekst en vertaling

De pagina bevat de songtekst en de Nederlandse vertaling voor het nummer "La Chanson D'Hacquoil Le Marin" van Jacques Douai.

Songteksten

L’amour fout le camp comme un bougre
Filant dix nœuds comme un bon lougre
En pleine mer.
La beauté passe — sarabande ! -
Comme passe la contrebande
À Saint-Omer.
Mon grand-père était un grand drôle.
Tu n’irais pas à son épaule,
Tambour-major.
Et ma grand’mère — farandole ! -
Était belle comme une idole,
Dorée en or.
La dame, point avariée,
Était duchesse et mariée
À de l’argent.
Et mon grand-père — la bourrée ! -
Lui dit un soir: mon adorée,
Je suis sergent.
Et mon grand-père à ma grand’mère
Proposa de faire mon père
En s'échauffant.
Mais ma grand’mère — la gavotte ! -
Mais ma grand’mère était dévote,
Et fit l’enfant.

Songtekstvertaling

Liefde neukt als een donder
Tien knopen draaien als een goede dwaas
In de open zee.
De schoonheid passeert-sarabande ! -
Hoe smokkel verloopt
In Saint-Omer.
Mijn grootvader was een geweldige grappige man.
Je zou niet naar zijn schouder gaan.,
Majoor drum.
En mijn grootmoeder, farandole . -
Was zo mooi als een idool,
Goud in goud.
De dame, beschadigd punt,
Was Hertogin en getrouwd
Op geld.
En mijn grootvader, de dronkaard . -
Hij zei tegen haar op een avond: mijn geliefde,
Ik ben sergeant.
En mijn grootvader aan mijn oma
Ten huwelijk gevraagd om mijn vader te maken
Opwarmen.
Maar mijn oma-de gavotte ! -
Maar mijn oma was toegewijd.,
En maakte het kind.