Equilibrium — Der Wassermann songtekst en vertaling

De pagina bevat de songtekst en de Nederlandse vertaling voor het nummer "Der Wassermann" van Equilibrium.

Songteksten

Inmitten grün'und klaren, seichten Wogen,
Unter wiegend’Seegras, im Gesträuch tief verborgen,
Wo lehmig’Kies, zum Grund des See niedergeht,
Des im Wasser herrschend’Reich besteht.
Bedeckt nicht die Zähne, die so grün wie sein Hut,
Sonst gleicht er den Menschen, auch am Ufer er ruht.
Wenn er zieht aus dem Wasser algig’Fesseln empor,
Zu fangen jene, die nicht seh’n sich vor.
Und unweit des Weihers, vor bewaldetem Hang,
Durch unwegsam Dickicht, ein Weg führt entlang.
Durch das Tal zum Haus des alten Bauersmann,
Der da befreundet mit dem Wassermann.
Erstmals ward nun auch der Bauer geladen,
Ins Haus unter’m See, unter Wasser zu gelangen.
Erfährt von des Wassermanns boshaften Späßen,
Von versperrten Seelen in jenen Gefäßen.
Bedeckt nicht die Zähne, die so grün wie sein Hut,
Sonst gleicht er den Menschen, auch am Ufer er ruht.
Wenn er zieht aus dem Wasser algig’Fesseln empor,
Zu fangen jene, die nicht seh’n sich vor.
Erzürnt ist der Bauer über den Seelenfang,
In die Tiefe gezogen, mit gemessenem Strang.
In seiner maßlosen Wut, doch verhaltenem Groll’n,
Da geht er, so zieht er, nun auf und davon.
So klar sein Zeil…
Als er wieder war am Ufer, dieses Mal in grauem Kleid,
Um hinab zu ziehen jene, die sein grünes band ereilt.
Da schritt der Bauer, den ihm bekannten Weg,
Durch die Brunnstube ins Wassermannhaus.
Als er ankam im Kellerverlies,
Mif festem Tritt die Töpfe umstieß.
In Freiheit nun alle Seelen entflieh’n,
Hinauf sie steigen, ihren Frieden ersehn'.
Ward grimmig da, des Wassermanns Wut,
Befreit doch seine Seelen aus seiner Obhut.
Dem Bauern er schwor, gar finstere Rach'
Doch verheißend über ihm wacht,
Was das Schicksal für ihn bedacht.
Was das Schicksal einst für ihn hatte bedacht…
Bedeckt nicht die Zähne, die so grün wie sein Hut,
Sonst gleicht er den Menschen, auch am Ufer er ruht.
Wenn er zieht aus dem Wasser algig’Fesseln empor,
Zu fangen jene, die nicht seh’n sich vor.
Und unweit des Weihers, vor bewaldetem Hang,
Durch unwegsam Dickicht, ein Weg führt entlang.
Durch das Tal zum Haus des alten Bauersmann,
Der einmal ward befreundet mit dem Wassermann.

Songtekstvertaling

In het midden van groene en heldere, ondiepe golven.,
Onder zeewier, diep verborgen in de struiken.,
Waar schuim ' Grind afdaalt naar de bodem van het meer,
Van het koninkrijk dat heerst in het water.
Bedekt de tanden niet zo groen als zijn hoed,
Anders lijkt hij op mensen, zelfs op de kust rust hij.
Als hij uit de ketenen van algig komt.,
Om degenen te vangen die zichzelf niet eerder zien.
En niet ver van de vijver, voor een beboste helling,
Door onbegaanbare diktes, leidt een pad langs.
Door de vallei naar het Huis van de oude boer,
De OVJ raakt bevriend met de Waterman.
Voor het eerst werd ook de Boer beladen.,
Om in het huis onder het meer te komen, onder water.
Leert van Aquarius ' ondeugende grappen,
Van opgesloten zielen in die vaten.
Bedekt de tanden niet zo groen als zijn hoed,
Anders lijkt hij op mensen, zelfs op de kust rust hij.
Als hij uit de ketenen van algig komt.,
Om degenen te vangen die zichzelf niet eerder zien.
De Boer is woedend op de zielvangst.,
In de diepte getrokken, met gemeten streng.
In zijn overmatige woede, maar toch ingehouden wrok,
Daar gaat hij, dus hij beweegt, nu omhoog en weg.
Dus wees duidelijk, Zeil.…
Toen hij terug op de kust was, deze keer in grijze jurk.,
Om degenen die ingehaald worden door zijn groene band neer te halen.
Toen nam de Boer het pad dat hij kende.,
Bij de Brunnenbuis in de Waterman van het huis.
Toen hij aankwam in de kelder kerker,
Mif stootte de potten omver.
In vrijheid nu alle zielen ontsnappen,
Daar gaan ze, verlangend naar hun vrede.
Er was toorn, de toorn van Waterman,
Bevrijd zijn zielen van zijn zorg.
Aan de boer zwoer hij, zelfs sinister Rach'
Maar waak over hem, als een belofte.,
Wat het lot voor hem in petto heeft.
Wat het lot ooit voor hem had overwogen…
Bedekt de tanden niet zo groen als zijn hoed,
Anders lijkt hij op mensen, zelfs op de kust rust hij.
Als hij uit de ketenen van algig komt.,
Om degenen te vangen die zichzelf niet eerder zien.
En niet ver van de vijver, voor een beboste helling,
Door onbegaanbare diktes, leidt een pad langs.
Door de vallei naar het Huis van de oude boer,
Die ooit bevriend werd met Aquarius.