Dominique A — Ses Yeux Brûlent songtekst en vertaling
De pagina bevat de songtekst en de Nederlandse vertaling voor het nummer "Ses Yeux Brûlent" van Dominique A.
Songteksten
Ses yeux brûlent,
Imagine deux soleils levant
Elle les pose sur moi maintenant
Mais tout autour, ça se bouscule
Pour la pousser à les poser
Sur d’autres visages accueillants
Tout sourire les soleils brûlants.
Des hommes taillés pour l'été,
Comme s’ils hibernaient avant:
Ils sortent, ils cherchent le soleil
Et en voient deux en la croisant:
Je suis seul à les retenir
Petit rempart contre un volcan.
Ses yeux brûlent,
Imagine deux soleils levant
Elle les pose sur moi maintenant
Mais… mais tout autour ça se bouscule.
Aujourd’hui, je suis noir de peau.
Tant elle m’a regardé
Ça aurait pu me rendre beau
Mais là vraiment je suis grillé.
Et tous les soleils à venir
Ne pourront que me refroidir.
Ses yeux brûlent
Imagines deux soleils levant.
Pourquoi moi qui suis minuscule
Dois je subir d'être son amant?
Qu’elle arrête ou je m'émascule.
Je n’en peux plus tant ses yeux
Brûlent.
(Merci à Gito pour cettes paroles)
Songtekstvertaling
Zijn ogen branden.,
Stel je twee opkomende zonnen voor.
Ze legt ze nu op me.
Maar overal, het is aan het verdringen.
Om haar te dwingen ze te leggen.
Op andere welkome gezichten
Allen glimlachen de verzengende zonnen.
Mannen snijden voor de zomer,
Alsof ze eerder in winterslaap waren.:
Ze komen naar buiten, ze zoeken de zon.
En zie twee als ze het oversteken:
Ik ben de enige die ze vasthoudt.
Klein bolwerk tegen een vulkaan.
Zijn ogen branden.,
Stel je twee opkomende zonnen voor.
Ze legt ze nu op me.
Maar ... maar alles om hem heen is aan het vervagen.
Vandaag ben ik zwarte huid.
Zoveel dat ze naar me keek.
Het had me mooi kunnen maken.
Maar nu ben ik echt geroosterd.
En alle zonnen die komen
Ze kunnen me alleen maar afkoelen.
Zijn ogen branden.
Stel je voor dat er twee zonnen opkomen.
Waarom ik klein ben
Moet ik lijden om haar minnaar te zijn?
Hou haar tegen of ik ontman mezelf.
Ik kan haar ogen niet meer aan.
Branden.
(Dank aan Gito voor deze woorden)