Tucker Zimmerman — Taoist Tale songtekst en vertaling

De pagina bevat de songtekst en de Nederlandse vertaling voor het nummer "Taoist Tale" van Tucker Zimmerman.

Songteksten

once upon a time
a farmer sent his son
with a horse to graze
upon the mountainside
he fell asleep
when he awoke the horse was gone
came back without it
the neighbors said: oh what bad luck
the farmer said: how do you know?
oh how do you know?
on the very next day
the farmer sent his son
back into the mountains
to seek the runaway
he found the horse
and seven other wild ones
he brought them home
the neighbors said: oh what good luck
the farmer said: how do you know?
oh how do you know
on the very next day
the farmer sent his son
to the wild horses
which needed to be tamed
first one he climbed on
it threw him down to the ground
broke his arm
the neighbors said: oh what bad luck
the farmer said: how do you know?
oh how do you know?
on the very next day
a war was declared
and the army men
came thru the countryside
looking for soldiers
but they couldn’t take anyone
with a broken arm
the neighbors said: oh what good luck
the farmer said: how do you know?
oh how do you know?

Songtekstvertaling

Once upon a time
een boer stuurde zijn zoon
met een paard om te grazen
op de berg
hij viel in slaap.
toen hij wakker werd, was het paard weg.
kwam terug zonder.
de buren zeiden: wat een pech.
de Boer zei: Hoe weet je dat?
hoe weet je dat?
de volgende dag
de Boer stuurde zijn zoon
terug in de bergen
op zoek naar de wegloper
hij heeft het paard gevonden.
en zeven andere wilde.
hij bracht ze thuis.
de buren zeiden: wat een geluk.
de Boer zei: Hoe weet je dat?
hoe weet je dat?
de volgende dag
de Boer stuurde zijn zoon
op de wilde paarden
die getemd moest worden.
de eerste waar hij op klom
het gooide hem op de grond.
brak zijn arm
de buren zeiden: wat een pech.
de Boer zei: Hoe weet je dat?
hoe weet je dat?
de volgende dag
er werd een oorlog verklaard.
en de soldaten.
kwam door het platteland
op zoek naar soldaten
maar ze konden niemand meenemen.
met een gebroken arm
de buren zeiden: wat een geluk.
de Boer zei: Hoe weet je dat?
hoe weet je dat?