Kris Drever — Patrick Spence songtekst en vertaling

De pagina bevat de songtekst en de Nederlandse vertaling voor het nummer "Patrick Spence" van Kris Drever.

Songteksten

The king sits in Dunfermline toun
Drinking his bluid-red wine
'Whaur can i get a mariner
Tae sail seven ships of mine?'
Then up spoke a fine young man
A fine young man was he
'Sir Patrick Spence is the best mariner
That ever sailed on the sea'
The king, he’s written a broad letter
And signed it wi his own hand
And sent it off to Sir Patrick Spence
Waiting there on the strand
The very first line Sir Patrick read
A little loud laugh gave he The very last line Sir Patrick read
The salt tear blinded his ee
'O wha is it that has done this thing
And told that tale on me
I never was a mariner
And i don’t intend to be'
'Late yestreen i saw the new moon
The auld moon in her arms
I fear, i fear a deadly storm
Oor ship, she will come to harm'
Rise up, rise up, my fine men aw Oor ship, she sails in the morn,
Whether it’s windy, whether it’s wet
Or whether there’s a deadly storm
They hadn’t been sailing a league or more
A league or barely nine
When the wind and the wet, the cauld and the snow
Came blowing up behind
'O where, o where’s the cabin boy
Tae take the helm in hand
While I go up to the topmast side
To see if I can spy some land'
'Come doun, come doun Sir Patrick Spence
We fear that we all must die
For in and oot o' the good ship’s hull
The wind and the ocean fly'
The very first step Sir Patrick took
The water it came to his knee
And the very last step Sir Patrick took
He drount there in the sea
Many was the fine feather bed
Floating on the foam
Many was the little lord’s son
That never more came home
O long may the ladies sit
Wi their fans aw in their hands
Afore they see Sir Patrick Spence
Come sailing along the strand
It’s fifty miles to Aberdeen shore
It’s fifty fathoms deep
And there does lie Sir Patrick Spence
Wi the little lords at his feet

Songtekstvertaling

De koning zit in Dunfermline toun
Hij drinkt zijn bluid-red wijn.
Whaur, mag ik een mariner?
Tae zeilde zeven schepen van mij?'
Toen sprak een fijne jongeman.
Een fijne jongeman was hij.
Sir Patrick Spence is de beste mariner
Die ooit op zee zeilde.
De koning heeft een grote brief geschreven.
En tekende het met zijn eigen hand
En stuurde het naar Sir Patrick Spence
Ik wacht daar op het strand.
De allereerste regel die Sir Patrick las
Een beetje luide lach gaf hem de allerlaatste zin Sir Patrick las
De zoute traan verblindde zijn ee.
Wat heeft dit gedaan?
En vertelde dat verhaal over mij
Ik ben nooit een mariner geweest.
En dat ben ik ook niet van plan.
"Late yestreen ik zag de nieuwe maan
The auld moon in her arms
Ik vrees een dodelijke storm.
Of schip, ze zal iets overkomen.
Sta op, Sta op, mijn goede mannen een schip, ze vaart in de ochtend,
Of het nu winderig is, of nat.
Of dat er een dodelijke storm is
Ze waren nog geen competitie of meer aan het zeilen.
Een league of amper negen.
Wanneer de wind en de natte, de cauld en de sneeuw
Kwam omhoog blazen achter
'O where, o where' s the cabin boy
Tae neem het roer in de hand
Terwijl ik naar boven ga
Om te zien of ik wat land kan zien.
Kom, doun, doun Sir Patrick Spence
We vrezen dat we allemaal moeten sterven.
Voor de romp van het goede schip
De wind en de oceaan vliegen'
De eerste stap die Sir Patrick nam
Het water kwam naar zijn knie.
En de allerlaatste stap die Sir Patrick nam
Hij droogde daar in de zee
Velen waren de mooie veren bed
Drijvend op het schuim
Velen waren de zoon van de kleine heer.
Dat kwam nooit meer thuis.
O lang mogen de dames zitten
Met hun fans aw in hun handen
Voordat ze Sir Patrick Spence zien.
Kom zeilen langs het strand
Het is 50 mijl naar Aberdeen shore
Het is 50 vadem diep.
En daar ligt Sir Patrick Spence
Wi de kleine heren aan zijn voeten