Jacques Douai — Les Champignons songtekst en vertaling
De pagina bevat de songtekst en de Nederlandse vertaling voor het nummer "Les Champignons" van Jacques Douai.
Songteksten
Mon père avait belle maison
Quelle était jolie
Ah ! Quelle était belle
Mon père avait belle maison
Avec un toit et deux pignons
Et las s’pageote d’attentions
Quelle était jolie
Ah ! Quelle était belle
L’avait bâtie sur champignons
Mon père que pensait brouillon
C’est en girolle les champignons
Quelle était jolie
Ah ! Quelle était belle
Partit en voyage au Japon
Rêvant à sa chère maison
Mon père avait belle maison
Quelle était jolie
Ah ! Quelle était belle
Passa sur l’océan profond
Et parfois fait en bas au fond
Mon père avait belle maison
Quelle était jolie
Ah ! Quelle était belle
Au bout de cinq à six saisons
Il voulut revoir sa maison
Mon père avait belle maison
Quelle était jolie
Ah ! Quelle était belle
Il y eut beaucoup y est leur prison
Ne vit plus que des champignons
À leur provende sa maison
Quelle était jolie
Ah ! Quelle était belle
Il mangea tous les champignons
Il en eut une digestion
Failli mourir mais il tint bon
Quelle était jolie
Ah ! Quelle était belle
Puis il rebâtit sa maison
Bien loin, bien loin des champignons
Songtekstvertaling
Mijn vader had een mooi huis.
Wat was mooi
Ah! Wat was mooi
Mijn vader had een mooi huis.
Met een dak en twee gables
En moe van de aandacht
Wat was mooi
Ah! Wat was mooi
Had het gebouwd op paddenstoelen
Mijn vader dacht aan draft.
Het is in Cantharel paddestoelen
Wat was mooi
Ah! Wat was mooi
Ging op reis naar Japan
Dromen van zijn geliefde thuis
Mijn vader had een mooi huis.
Wat was mooi
Ah! Wat was mooi
Doorgegeven op de diepe oceaan
En soms gedaan van onder tot onder
Mijn vader had een mooi huis.
Wat was mooi
Ah! Wat was mooi
Na vijf tot zes seizoenen
Hij wilde zijn huis weer zien.
Mijn vader had een mooi huis.
Wat was mooi
Ah! Wat was mooi
Er waren er veel daar is hun gevangenis
Leeft alleen paddenstoelen
Om zijn huis te bewonen.
Wat was mooi
Ah! Wat was mooi
Hij at alle paddenstoelen op.
Hij had een spijsvertering.
Hij stierf bijna, maar hij hield vol.
Wat was mooi
Ah! Wat was mooi
Toen herbouwde hij zijn huis.
Ver weg, ver weg van de paddenstoelen.