Jacques Douai — Ballade Des Trente Roses songtekst en vertaling
De pagina bevat de songtekst en de Nederlandse vertaling voor het nummer "Ballade Des Trente Roses" van Jacques Douai.
Songteksten
Une rose d’automne, ô ma rose enfumée
C’est la rose de Faust, la rose à Lorelei
Le tramway qui serpente au flanc de la vallée
La fait trembler souvent dans le verger défait
Trente roses de sel viennent troubler mon âge
Ardennes, Lâchez moi les loups de mal enfance
Leur gueule a le satin des roses d’aujourd’hui
Leurs ongles, aux guérets, font des roses de buis
Mon père il est cinq heures vous sortez de l’usine
Votre capuchon noir est lézardé de bruine
Vous mordez une pomme en caressant ma joue
On entend le silence et des roues dans la boue
Roses des étés blancs, roses de Picardie
Je vous ai vu pourrir dans les jardins croulants
Les canons qui roulaient les dés noirs de la vie
Barbouillaient sur la nuit des roses de géant
L’hiver monte à l’assaut des pentes du haut-vert
Les biches alanguies se couchent dans la bruine
Ce pas clouté qui va, serait-ce vous mon père
J’entends rauquer très loin vos sirènes d’usine
Ensuite je ne sais tôt je perds la mémoire
Il reste une colombe endormie dans la main
Il reste un anneau d’or, trente roses qui tremblent
Une femme de neige et la saveur du pain.
Une rose d’automne, ô ma rose enfumée
C’est la rose de Faust, la rose à Lorelei
Le tramway qui serpente au flanc de la vallée
La fait trembler souvent dans le verger défait
Songtekstvertaling
Een Herfstroosje, O mijn rokerige roos
Het is de Roos van Faust, De Roos van Lorelei
De tram die langs de kant van de vallei waait
Laat haar vaak beven in de Onone boomgaard.
Dertig rozen zout komen om mijn leeftijd te verstoren.
Ardennen, laat de wolven van de slechte jeugd los.
Hun mond heeft de Satijn van de rozen van vandaag.
Hun nagels, met guerets, maken boxwood rozen
Mijn vader, het is vijf uur. je verlaat de fabriek.
Je zwarte pet is gestreept met motregen.
Je bijt in een appel terwijl je mijn wang aait.
We horen stilte en wielen in de modder.
Witte Zomerrozen, Picardie rozen
Ik zag je wegrotten in de afbrokkelende tuinen.
De kanonnen die de zwarte dobbelstenen van het leven rolden
Uitgesmeerd op de nacht van grote rozen
De Winter stijgt op de hellingen van de haut-vert
Verwijde beesten liggen in de motregen
Dat niet volgestopt dat gaat, wil je mijn vader
Ik hoor je fabrieks sirenes Hees ver weg.
Dan Weet ik niet of ik het me kan herinneren.
Er blijft een slapende duif in de hand
Er blijft een gouden ring, dertig rozen die beven
Een sneeuwvrouw en de smaak van brood.
Een Herfstroosje, O mijn rokerige roos
Het is de Roos van Faust, De Roos van Lorelei
De tram die langs de kant van de vallei waait
Laat haar vaak beven in de Onone boomgaard.