Hans Zimmer — On Stranger Tides songtekst en vertaling
De pagina bevat de songtekst en de Nederlandse vertaling voor het nummer "On Stranger Tides" van Hans Zimmer.
Songteksten
Upon one summer’s morning,
I carelessly did stray,
Down by the Walls of Wapping,
Where I met a sailor gay,
Conversing with a young lass,
Who seem’d to be in pain,
Saying, William, when you go,
I fear you will ne’er return again.
My heart is pierced by Cupid,
I disdain all glittering gold,
There is nothing can console me
But my jolly sailor bold.
His hair it hangs in ringlets,
His eyes as black as cole,
May happiness attend him wherever he M
may go,
From Tower Hill to Blackwall,
I will wander, weep and moan,
All for my jolly sailor,
Until he sails home.
My heart is pierced by Cupid,
I disdain all glittering gold,
There is nothing can console me
But my jolly sailor bold.
My father is a merchant—
The truth I now will tell,
And in great London City
In opulence doth dwell,
His fortune doth exceed
₤300, 000 gold,
And he frowns upon his daughter,
Who loves a sailor bold.
A fig for his riches,
Jis merchandize, and gold,
True love is grafted in my heart;
Give me my sailor bold:
My heart is pierced by Cupid,
I disdain all glittering gold,
There is nothing can console me
But my jolly sailor bold.
Should he return in poverty,
From o’er the ocean far,
To my tender bosom,
I’ll press my jolly tar.
My sailor is as smiling
As the pleasant month of May,
And often we have wandered
through Ratcliffe Highway,
Many a pretty blooming
Young girl we did behold
Reclining on the bosom
Of her jolly sailor bold.
My heart is pierced by Cupid,
I disdain all glittering gold,
There is nothing can console me
But my jolly sailor bold.
My name it is Maria,
A merchant’s daughter fair,
And I have left my parents
And three thousand pounds a year,
Come all you pretty fair maids,
Whoever you may be
Who love a jolly sailor
That ploughs the raging sea,
While up aloft, in storm,
From me his absence mourn,
And firmly pray, arrive the day,
he’s never more to roam.
My heart is pierced by Cupid,
I disdain all glittering gold,
There is nothing can console me
But my jolly sailor bold.
My heart is pierced by Cupid,
I disdain all glittering gold,
There is nothing can console me
But my jolly sailor bold.
Songtekstvertaling
Op een zomermorgen,
Ik ben onzorgvuldig verdwaald.,
En bij de wanden der Wapperingen.,
Waar ik een matroos gay ontmoette,
Praten met een jong meisje,
Die pijn schijnt te hebben.,
Ik zeg, William, als je gaat,
Ik vrees dat je nooit meer terugkomt.
Mijn hart is doorboord door Cupido.,
Ik veracht al het glinsterende goud.,
Niets kan me troosten.
Maar mijn vrolijke matroos bold.
Zijn haar hangt in ringlets,
Zijn ogen zo zwart als cole,
Moge het geluk hem treffen waar hij ook is.
mag gaan,
Van Tower Hill tot Blackwall,
Ik zal dwalen, huilen en kreunen,
Allemaal voor mijn vrolijke zeeman,
Tot hij naar huis vaart.
Mijn hart is doorboord door Cupido.,
Ik veracht al het glinsterende goud.,
Niets kan me troosten.
Maar mijn vrolijke matroos bold.
Mijn vader is een koopman.—
De waarheid die ik nu zal vertellen,
En in great London City
In weelde huist,
Zijn fortuin is groter dan
₤300 000 goud,
En hij fronst zijn dochter.,
Die houdt van een stoere matroos.
Een vijg voor zijn rijkdom,
JIS merchandize, en goud,
Ware liefde is geënt in mijn hart;
Geef me mijn sailor bold:
Mijn hart is doorboord door Cupido.,
Ik veracht al het glinsterende goud.,
Niets kan me troosten.
Maar mijn vrolijke matroos bold.
Mocht hij in armoede terugkeren,
Van de oceaan ver weg,
Aan mijn tedere boezem,
Ik druk op mijn vrolijke teer.
Mijn zeeman lacht net zo
Zoals de aangename maand Mei,
En vaak hebben we afgedwaald
via Ratcliffe Highway,
Veel een mooie bloeiende
Jong meisje dat we zagen
Leunend op de boezem
Van haar vrolijke matroos bold.
Mijn hart is doorboord door Cupido.,
Ik veracht al het glinsterende goud.,
Niets kan me troosten.
Maar mijn vrolijke matroos bold.
Mijn naam is Maria.,
Een koopmansdochter beurs,
En ik heb mijn ouders verlaten
En drieduizend pond per jaar.,
Kom allemaal, mooie dienstmeisjes.,
Wie je ook bent.
Die van een vrolijke zeeman houden
Die de woeste zee omploegt,
In de lucht, in storm,
Van mij rouwt zijn afwezigheid,
En bidt, komt de dag,
hij is nooit meer te zwerven.
Mijn hart is doorboord door Cupido.,
Ik veracht al het glinsterende goud.,
Niets kan me troosten.
Maar mijn vrolijke matroos bold.
Mijn hart is doorboord door Cupido.,
Ik veracht al het glinsterende goud.,
Niets kan me troosten.
Maar mijn vrolijke matroos bold.