Barbara — La Louve songtekst en vertaling
De pagina bevat de songtekst en de Nederlandse vertaling voor het nummer "La Louve" van Barbara.
Songteksten
Aux matins frêles des lacs de neige,
Aux matins froids aux reflets grêges,
Aux soleils, frissons de l’hiver,
Je suis la louve solitaire.
J’allais sur mes terrains de guerre,
Cachée, chassant sur mes chemins.
Soudain, sur un socle de pierre,
Il m’est apparu un grand chien
Et moi la louve, moi la reine,
Et moi la faim, et moi l’instinct,
J’ai poséma tête de fauve
Dans la fourrure du grand chien
Et le chien, au midi frileux,
A suivi ma piste et ma chasse
Et j’ai cru voir dedans ses yeux
Le reflet d’un éclair qui passe.
Il faut croire qu’il était fou
Quand il me suivit dans la neige.
N'étant qu’un chien, il se crut loup
Et prit sa patte dans mon piège.
Mais moi la louve, moi la reine
Et moi la faim, et moi l’instinct,
J’ai ouvert le piège de fer
Et mordu sa cuisse de chien
Mais au nid, au doux crépuscule
Entre chien et loup, au palais,
Couchés sur notre lit d'épines,
Moi, la louve, j’ai léchéses plaies.
Aux matins frêles des lacs de neige,
Aux matins froids aux reflets grèges,
Aux soleils, frissons de l’hiver,
Je reste la louve solitaire,
Solitaire, solitaire, solitaire…
Songtekstvertaling
Naar de zwakke ochtenden van de sneeuwmeren,
Koude ochtenden met grijze reflecties,
In de zon, de rillingen van de winter,
Ik ben de eenzame wolf.
Ik ging vroeger naar mijn oorlogsvelden.,
Verborgen, op mijn manier jagen.
Plotseling, op een stenen basis,
Hij verscheen aan mij als een grote hond.
En ik de Wolf, ik de Koningin,
En ik honger, en ik instinct,
Ik heb een gebruind hoofd.
In de vacht van de Grote Hond
En de hond, bij de koude middag,
Volgde mijn spoor en mijn jacht
En ik dacht dat ik in zijn ogen kon zien
De reflectie van een voorbijkomende bliksem.
Je moet denken dat hij gek was.
Toen hij me volgde in de sneeuw.
Omdat hij slechts een hond was, dacht hij dat hij een wolf was.
En nam zijn poot in mijn val.
Maar ik Prijs haar, koningin.
En ik honger, en ik instinct,
Ik opende de ijzeren val.
En beet in haar hond dij.
Maar in het nest, in de zachte schemering
Tussen hond en Wolf, in het paleis,
Liggend op ons bed van doornen,
Ik, de Wolf, likte haar wonden.
Naar de zwakke ochtenden van de sneeuwmeren,
Op koude ochtenden met grijze reflecties,
In de zon, de rillingen van de winter,
Ik blijf de eenzame wolf,
Patience, patience, patience…