Aviators — The Watcher songtekst en vertaling
De pagina bevat de songtekst en de Nederlandse vertaling voor het nummer "The Watcher" van Aviators.
Songteksten
South winds fill the air tonight
A cold heart’s lullaby
An icy figure walking
Through the city I called mine
A stream of ghastly voices
Fill the children’s hearts with fear
But no one dares to harm them
For even evil left us here
Hollow paradise
A place of spirits and of ice
The lights have long burned out
But still the echoes give us light
Trapped inside a hall
With my portraits on the wall
The faces stare right back
As I hear the watcher’s weary call
Still unsure what brought me here
I wander in the dust
A whisper in the wasteland
Carries through these fields of rust
He calls a boy to follow him
To a staircase up and down
He says they’re moving onward
For they’re sailing heaven bound
I asked the watcher
Where I’m going from this place
His faceless smile expressed
It’s a journey to embrace
I’m not wicked man
But I fear the cells below
He showed me to a door
Where it leads I cannot know
Songtekstvertaling
De zuidwinden vullen de lucht vanavond
Slaapliedje van een koud hart
Een ijzig figuur wandelend
Door de stad die ik de mijne noemde
Een stroom van afgrijselijke stemmen
Vul de harten van de kinderen met angst.
Maar niemand durft ze iets aan te doen.
Want zelfs het kwaad heeft ons hier achtergelaten.
Hollow paradise
Een plaats van geesten en ijs
De lichten zijn al lang uitgebrand.
Maar toch geven de echo ' s ons licht.
Gevangen in een hal
Met mijn portretten op de muur
De gezichten staren terug.
Als ik de vermoeide roep van de wachter hoor
Nog steeds niet zeker wat me hier bracht
Ik dwaal in het stof
Een fluistering in de woestenij
Draagt door deze velden van roest
Hij roept een jongen om hem te volgen.
Naar een trap op en neer
Hij zegt dat ze verder gaan.
Want ze varen naar de hemel gebonden
Ik vroeg de wachter
Waar ik heen ga vanaf deze plek
Zijn gezichtsloze glimlach uitdrukte
Het is een reis om te omarmen
Ik ben niet slecht.
Maar ik vrees de cellen beneden.
Hij liet me een deur zien.
Waar het toe leidt Weet ik niet