Alana Davis — Murder songtekst en vertaling

De pagina bevat de songtekst en de Nederlandse vertaling voor het nummer "Murder" van Alana Davis.

Songteksten

There’s a bleeder in my kitchen
And he’s pouring on my floor
There’s a killer in my hallway
And he’s scratching at my door
I think I might have heard some screaming
I might have heard somebody cry
Now I wonder am I dreaming
Or is my mind telling me a lie
Well I can’t run any further
And I can’t hide anymore
And I think there’s been a murder
Up on the ground floor
There’s a boa in my bathroom
And he’s coiling in my sink
He wants my cats I think
Paranoia in my house now and I’m balanced on the brink
Well I can’t run any further
And I can’t hide anymore
And I think there’s been a murder
Up on the ground floor
I’m living in a basement flat in a quiet part of town
I bet you wonder where my head is at when I’m imagining all these sounds
I’d check it out but I’m glued to my chair
I can’t make it to the door
I could be bugging but i’d gladly swear
I just heard a body hit the floor
And I can’t run any further
I can’t hide, I can’t hide anymore
And I think there’s been a murder up above me on the ground
On the ground floor

Songtekstvertaling

Er is een bloeding in mijn keuken.
En hij giet op mijn vloer
Er is een moordenaar in mijn gang.
En hij krabt aan mijn deur
Ik denk dat ik wat geschreeuw heb gehoord.
Ik heb misschien iemand horen huilen.
Nu vraag ik me af of ik droom
Of vertelt mijn Geest me een leugen
Ik kan niet verder.
En ik kan me niet meer verbergen
En ik denk dat er een moord is gepleegd.
Op de begane grond
Er is een boa in mijn badkamer.
En hij ligt in mijn gootsteen.
Hij wil mijn katten, denk ik.
Paranoia in mijn huis nu en ik ben gebalanceerd op de rand van de afgrond
Ik kan niet verder.
En ik kan me niet meer verbergen
En ik denk dat er een moord is gepleegd.
Op de begane grond
Ik woon in een kelder in een rustig deel van de stad.
Ik wed dat je je afvraagt waar mijn hoofd is als ik me al die geluiden verbeeld.
Ik zou wel willen, maar ik zit vastgeplakt aan m ' n stoel.
Ik haal de deur niet.
Ik zou kunnen afluisteren, maar ik zweer het graag.
Ik hoorde net een lichaam op de grond vallen.
En ik kan niet verder rennen.
Ik kan me niet meer verstoppen.
En ik denk dat er een moord boven me op de grond is gepleegd.
Op de begane grond